GIDS-middelen voor initiatieven vrijwilligersorganisaties in Maastricht

Samenvatting

In Maastricht krijgen vrijwilligersorganisaties een vaste subsidie. In aanvulling hierop kunnen ze ook een aanvullende subsidie krijgen. Om daarvoor in aanmerking te komen moeten ze een aanvraag indienen bij de gemeente. De gemeente organiseert hiervoor elk jaar 3 à 4 tenderronden (aanvraagronden). Iedere tenderronde heeft eigen thema’s en de aanvragen moeten hierop aansluiten.

Binnen de gemeente hebben beleidsmedewerkers van verschillende domeinen geld vrijgemaakt waaruit de aanvullende subsidies verstrekt kunnen worden. De beleidsmedewerker volksgezondheid heeft hiervoor GIDS-gelden ingezet. Samen bepalen ze de thema’s van een tenderronde, waaronder ook het thema gezondheidsverschillen.

De tenderronden worden via verschillende kanalen gecommuniceerd met vrijwilligersorganisaties, zoals facebook, een lokale krant en maastrichtdoet.nl. Vrijwilligersorganisaties kunnen vervolgens een aanvraag indienen volgens een vooraf vastgesteld format. Bij het opstellen en begroten van een aanvraag worden ze begeleid door welzijnsorganisatie Traject. In de aanvraag moet duidelijk beschreven worden wat de organisatie kan bijdragen aan het thema van de tender en hoe ze aan de verschillende criteria voldoen (resultaat, haalbaarheid, proportionaliteit en samenwerking). Een jury beoordeelt vervolgens in hoeverre de aanvraag aan de criteria voldoet en becijfert een aanvraag op de criteria en de aansluiting bij het thema van de tender. In de jury nemen beleidsmedewerkers van verschillende domeinen en ook vrijwilligers plaats.

Het beschikbare geld wordt vervolgens verdeeld onder de aanvragen die aan alle criteria voldoen. Hierbij geldt dat een kleiner project natuurlijk minder subsidie krijgt dan een grote project. De hoogte van de subsidie is wel gemaximeerd (bijvoorbeeld op €15.000,- per project), zodat voldoende initiatieven mee kunnen doen. Als de toekenning heeft plaatsgevonden worden alle organisaties die geen subsidie hebben ontvangen telefonisch hiervan op de hoogte gesteld en wordt tegelijk besproken waarom ze niet in aanmerking komen en wat ze moeten verbeteren om een volgende ronde wel kans te maken.

Wat werkt goed? Wat kan beter?

  • Vrijwilligersorganisaties kunnen goede ondersteuning krijgen tijdens het beschrijven van de aanvraag. Hiermee wordt er een drempel weggehaald voor het indienen van een aanvraag.
  • Doordat verschillende beleidsmedewerkers samen verantwoordelijk zijn voor de organisatie van de tenderronden en de daarin toegepaste thema’s  is er een betere onderlinge samenwerking ontstaan.
  • De nieuwe manier van subsidiëring heeft maatschappelijk bewustzijn gecreëerd bij vrijwilligersorganisaties.
  • Soms wordt er teveel van vrijwilligersorganisaties verwacht en valt de kwaliteit van de aanvraag tegen. Doordat de gemeente ondersteuning biedt bij het opstellen van een aanvraag wordt hierin deels tegemoet gekomen.
  • Het risico van de aanpak is dat de subsidies uiteindelijk niet goed aansluiten bij de vooraf gestelde doelen. De aanvragen en de voorgestelde activiteiten hebben niet altijd het gewenste resultaat.

Zijn er al resultaten?

De eerste tenderronde is in 2015 geweest. Er zijn in de tussentijd al een heel aantal aanvragen gefinancierd. Een aantal voorbeelden hiervan zijn:

  1. De Stichting Buurtplatform Groot Heer heeft middelen gekregen voor hun idee om een gezonde speelplaats te maken in samenwerking met ouders en kinderen. De gezonde speelplaats biedt kinderen de kans om meer te bewegen en is tevens een ontmoetingsplaats voor hun ouders.
  2. Een ander voorbeeld van een gefinancierde aanvraag is het project Samen Sportief van Stichting Humanitas. Bij dit project werken mensen van de maatschappelijke opvang, waaronder dak- en thuislozen, aan hun lichamelijke en geestelijke conditie door te gaan sporten met vrijwilligers uit aandachtswijken.
  3. Een derde voorbeeld is de subsidiëring voor de Tapijntuin. Dit is een stadsmoestuin die kinderen bewust wil maken van de oorsprong van groente en fruit. Om dit handen en voeten te geven hebben ze een oude stadsbus opgeknapt waarmee ze onder andere op scholen in lage SES wijken voorlichting geven over gezonde voeding.

Naast deze drie voorbeelden zijn er nog een heel aantal andere initiatieven die via de aanvullende subsidies tot stand zijn gekomen. Ieder gesubsidieerd project wordt gevolgd door de inhoudelijk beleidsmedewerker. Door de aanvullende subsidiëring van vrijwilligersorganisaties op deze manier te regelen, kan de gemeente invloed uitoefenen op de activiteiten en gang van zaken binnen vrijwilligersorganisaties. Daarmee creëer je sterkere vrijwilligersorganisaties. Door binnen de gemeente samen te werken met andere beleidsdomeinen worden de onderlinge banden binnen de gemeente ook sterker. Dit maakt integraal werken rond gezondheidsverschillen eenvoudiger.

In principe is het de bedoeling dat het beleid voorlopig wordt voortgezet. Zolang de GIDS-middelen beschikbaar zijn, kan gezondheidsachterstanden als thema opgenomen worden in de tenderronden.

Meer weten over dit project?

Projectwebsite: maastrichtdoet.nl/

Contact

Organisatie: Maastricht
Om te reageren dien je eerst in te loggen.

Heb je nog geen profiel? Registreer dan eerst om een nieuw profiel aan te maken.
Organisatie: Maastricht
Functie: Beleidsadviseur Zorg en Welzijn
HomeIntegrale aanpakInstrumentenNieuwsProgramma Gezond In...GIDS-gemeentenGemeenteraadsledenPraktijkvoorbeeldenBlogsPrikbordKalenderDeelnemers Inloggen