Praktijkvoorbeeld

Velsen in Beweging

In 2017 startte de gemeente Velsen met Velsen in Beweging, een beweegprogramma voor uitkeringsgerechtigden. Het doel van het beweegprogramma is om meer te participeren in de samenleving. Sporten is daarbij het middel. Het bevordert een positiever zelfbeeld en biedt ritme en regelmaat.

Hoe werkt het?

Tijdens het programma wordt twaalf weken (twee keer per week één uur) gesport in een vaste groep van maximaal tien deelnemers. De deelnemers sporten in een sportschool, onder begeleiding van een sportinstructeur en – zo nodig – een fysiotherapeut. Daarnaast is de klantmanager van de gemeente aanwezig. De klantmanager biedt de deelnemers persoonlijke aandacht en hulp bij vragen. Dit kunnen vragen zijn op gemeentelijk gebied, bijvoorbeeld over bijzondere bijstand of kinderopvang, maar ook andere vragen.

Honderd mensen bereikt

Het programma is gericht op uitkeringsgerechtigden met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Het gaat dan om mensen die zich op trede 1 of 2 van de participatieladder (‘geïsoleerd’ of ‘sociale contacten, gericht op ontmoeten’) bevinden en 4 jaar of langer van een (bijstands)uitkering leven. Op uitnodiging van hun klantmanager of de arbeidsdeskundige van de gemeente, kunnen zij deelnemen aan het programma. Ieder jaar starten minstens drie groepen met dit traject. Inmiddels zijn er honderd bijstandsgerechtigden bereikt.

Wat gebeurt er na het programma?

Om de deelnemers na het programma in beweging te houden, biedt de gemeente hen een jaarabonnement bij een sportschool- en begeleiding van een buurtsportcoach aan. Ook start een passend participatietraject, bestaande uit bijvoorbeeld een empowermenttraining. Het beweegprogramma wordt gezien als een ‘kickstart’ voor dit traject, waarna bewegen weliswaar wordt voortgezet, maar op de achtergrond.

Resultaten en succeselementen

Tussen 2017 en 2018 werd Velsen in Beweging, toen nog een pilot, gemonitord. Uit de evaluatie van 2018 bleek de interventie succesvol te zijn: “Er zijn veel mensen letterlijk in beweging gekomen. Ze hebben stappen gezet in denken en gedrag, en sommigen zijn zelfs doorgestroomd naar vervolgprojecten en werk.” Meer kwalitatieve ervaringsverhalen van deelnemers wijzen op vooruitgang op fysiek, maar vooral ook mentaal en sociaal vlak. Zo lijkt het programma een positieve invloed te hebben op het zelfvertrouwen van deelnemers: “Mensen denken: hé, ik ben toch in staat om iets te doen.”

Deelnemer: “Het heeft mij het vertrouwen gegeven om weer mee te draaien in de maatschappij en iets van mijn leven te willen maken. Ik heb mezelf aangemeld voor het doelgroepenregister, om mijn kansen te vergroten op het vinden van een passende baan.”

Het succes heeft volgens de gemeente onder andere te maken met de persoonlijke aandacht en de ervaren ‘stok-achter-de-deur-functie’ van de klantmanagers en de bijzondere groepsdynamiek die ontstaat: “Ze moedigen elkaar aan en er ontstaat sociale controle.” Daarnaast zijn de samenwerkingen interessant die tijdens en door het project binnen de gemeente zijn ontstaan. Bijvoorbeeld tussen beleidsadviseurs participatie en sport en gezondheid (denk aan de inzet van de buurtsportcoach).

Toekomst
Na de pilotfase is besloten het programma Velsen in Beweging structureel te maken. Redenen daarvoor waren de relatief lage kosten en de positieve resultaten van de evaluatie. Daarmee is de toekomst van het programma in ieder geval voor de komende jaren geborgd.